Camerawetgeving in België

1. Het wettelijk kader: een overzicht
De Camerawet
De camerabewaking in België wordt primair geregeld door de wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, in de praktijk kortweg de 'Camerawet' genoemd. Deze wetgeving vormt de ruggengraat van alle regelgeving inzake bewakingscamera's in ons land.
In 2018 onderging de Camerawet een significante herziening om in overeenstemming te worden gebracht met de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Deze wijzigingen werden aangevuld met diverse nieuwe Koninklijke Besluiten die de praktische uitvoering van de wet verder in detail regelen.
Verhouding tot de AVG
Een cruciaal aspect van het wettelijk kader is de verhouding tussen de Camerawet en de AVG. Camerabewaking impliceert immers vrijwel altijd de verwerking van persoonsgegevens, waardoor de AVG van toepassing wordt. Dit geldt echter niet wanneer camera's voor zuiver huishoudelijke of privédoeleinden worden gebruikt, zoals een camera die alleen het interieur van een privéwoning filmt.
Interessant om te vermelden is dat ook niet alle bewakingssystemen onder de AVG vallen. Nepcamera's bijvoorbeeld, die enkel dienen als afschrikmiddel maar geen beelden registreren, vallen buiten het bereik van de AVG omdat ze geen persoonsgegevens verwerken. Hetzelfde geldt voor camera's die zo hoog zijn geplaatst of zo zijn afgesteld dat ze geen identificeerbare personen filmen.
Voor de rechtsgrond van camerabewaking heeft de Europese toezichthouder voor gegevensbescherming (EDPB) verduidelijkt dat het 'gerechtvaardigd belang' (artikel 6.1.f AVG) vaak de meest passende basis is. Dit belang kan verschillende vormen aannemen:
- Bescherming van eigendommen tegen diefstal of vandalisme
- Veiligheid van personeel en bezoekers
- Beveiliging van gevoelige informatie of installaties
- Preventie van frauduleuze activiteiten
Belangrijk is dat dit belang reëel en actueel moet zijn, niet louter fictief of speculatief. Er moet een concrete aanleiding of redelijke bezorgdheid bestaan die de camerabewaking rechtvaardigt. Bijvoorbeeld, een juwelier in een gebied met een hoog aantal inbraken heeft een duidelijker gerechtvaardigd belang dan een kantoor in een laagrisico-omgeving zonder voorgeschiedenis van incidenten.
Voordat een camerasysteem wordt geïnstalleerd, moet de verwerkingsverantwoordelijke altijd kritisch evalueren of deze maatregel geschikt, toereikend en noodzakelijk is voor het beoogde doel. Camerabewaking dient alleen te worden ingezet wanneer het doel niet redelijkerwijs kan worden bereikt met minder ingrijpende middelen voor de privacy van betrokkenen.
Recente wetswijzigingen en toevoegingen
Naast de Camerawet zijn er recentelijk specifieke wetten aangenomen die het gebruik van camera's in specifieke sectoren regelen:
Wet betreffende de civiele veiligheid (2024). Op 21 februari 2024 werd een nieuwe wet aangenomen die het gebruik van camera's door de operationele diensten van de civiele veiligheid regelt. Deze wet, die op 19 april 2024 in het Belgisch Staatsblad werd gepubliceerd, voegt een hoofdstuk toe aan de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid. Hierdoor krijgen hulpverleningszones en de Civiele Bescherming een duidelijk kader voor het gebruik van camera's tijdens interventies. Deze aparte wetgeving is noodzakelijk geworden door de toenemende inzet van camera's in hulpverleningsvoertuigen zoals ambulances en brandweerwagens, en zorgt voor duidelijke regels over wanneer deze diensten beelden mogen maken en hoe lang ze bewaard mogen worden.
Wet op het politieambt (2023). Sinds 21 januari 2024 beschikken politiediensten over een wettelijk kader voor het gebruik van bodycams. Deze wet van 19 oktober 2023 regelt wanneer en hoe politieagenten bodycams mogen inzetten tijdens interventies. Het gebruik van deze draagbare camera's is onderworpen aan strikte voorwaarden, waarbij zowel de privacy van burgers als de veiligheid van de agenten worden beschermd. Deze wetgeving valt buiten de algemene Camerawet, maar is relevant voor het bredere beeld van cameratoezicht in de publieke ruimte.
Deze nieuwe wettelijke kaders tonen aan dat camerawetgeving zich blijft ontwikkelen om in te spelen op technologische ontwikkelingen en nieuwe toepassingen van camerasystemen, terwijl de kernprincipes van de Camerawet behouden blijven.
2. Toepassingsgebied van de Camerawet
Definitie en reikwijdte
De Camerawet is van toepassing op alle bewakingscamera's op Belgisch grondgebied die voldoen aan de volgende criteria:
- Ze hebben bewaking en toezicht tot doel.
- Ze worden gebruikt voor een van de volgende doeleinden: misdrijven tegen personen of goederen voorkomen, vaststellen of opsporen; overlast voorkomen, vaststellen of opsporen; gemeentelijke reglementen controleren; de openbare orde handhaven.
De wet definieert een bewakingscamera als "elk vast, tijdelijk vast of mobiel observatiesysteem dat de bewaking en het toezicht van de plaatsen tot doel heeft en dat hiervoor beelden verwerkt". Deze brede definitie omvat een diverse reeks van camerasystemen, van eenvoudige vaste camera's tot geavanceerde mobiele systemen met bewegingsdetectie of gezichtsherkenning.
Uitzonderingen op het toepassingsgebied
Er zijn belangrijke uitzonderingen op het toepassingsgebied van de Camerawet. De wet is niet van toepassing op:
- Camera's die op de werkplek worden geplaatst met het oog op veiligheid en gezondheid van werknemers, bescherming van bedrijfsgoederen, controle van het productieproces of toezicht op werknemers. Deze situaties vallen onder cao nr. 68.
- Camera's geïnstalleerd voor puur huishoudelijke doeleinden binnen een privéwoning.
- Camera's die niet als doel hebben bewaking en toezicht, zoals camera's voor verkeersobservatie of wetenschappelijk onderzoek.
- Nepcamera's die enkel als afschrikmiddel dienen.
Het is belangrijk op te merken dat in veel situaties een cumulatieve toepassing van verschillende wettelijke regelingen kan voorkomen. Bijvoorbeeld, in een winkel kunnen camera's zowel dienen om diefstal door klanten te voorkomen (Camerawet) als om het personeel te controleren (cao nr. 68). In dergelijke gevallen zijn beide regelgevingen van toepassing, waarbij de Camerawet voorrang krijgt bij eventuele conflicten.
3. Categorieën van plaatsen: een cruciale onderverdeling
De Camerawet maakt een fundamenteel onderscheid tussen drie verschillende soorten plaatsen, elk met eigen specifieke regels en vereisten. Deze indeling is cruciaal, omdat de categorie waartoe een plaats behoort, bepaalt welke regels van toepassing zijn en hoe streng de vereisten zijn.
Niet-besloten plaats
Een niet-besloten plaats wordt gedefinieerd als elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek. De meest voor de hand liggende voorbeelden zijn:
- Openbare wegen en straten
- Openbare pleinen en parken
- Marktpleinen
- Promenades en wandelpaden
- Openbaar toegankelijke natuurgebieden
Het begrip "omsluiting" veronderstelt minstens een duidelijke visuele afbakening zoals een bordje met "privé", een wegmarkering, of een andere aanduiding waardoor verschillende plaatsen van elkaar kunnen worden onderscheiden. Wanneer een niet-besloten plaats tijdelijk wordt afgebakend, bijvoorbeeld een afgesloten festivalweide, wordt deze tijdelijk een besloten ruimte.
Een belangrijk aspect van niet-besloten plaatsen is dat bewakingscamera's daar uitsluitend door overheidsinstanties mogen worden geplaatst, niet door private entiteiten. Dit weerspiegelt het publieke karakter van deze ruimten en de grotere inmenging in de privacy die camerabewaking daar met zich meebrengt.
Voor het publiek toegankelijke besloten plaats
Deze categorie omvat elk besloten gebouw of elke door een omsluiting afgebakende ruimte die bestemd is voor publiek gebruik en waar diensten aan het publiek kunnen worden verleend. Voorbeelden zijn:
- Winkelcentra en individuele winkels
- Bankkantoren en postkantoren
- Restaurants, cafés en horecagelegenheden
- Bioscopen, theaters en concertzalen
- Openbare parkeergarages
- Musea en tentoonstellingsruimten
- Sportcentra en zwembaden
- Ziekenhuizen en medische centra (openbare ruimten)
- Scholen en universiteiten (toegankelijke delen)
- Hotels en verblijfsaccommodaties
- Religieuze gebouwen zoals kerken en moskeeën
Bij deze plaatsen heeft het publiek weliswaar toegang, maar onder bepaalde voorwaarden (openingsuren, toegangsgeld, gedragsregels, etc.). Hier mogen zowel publieke als private entiteiten bewakingscamera's installeren, mits naleving van de wettelijke vereisten.
Niet voor het publiek toegankelijke besloten plaats
Dit is elk besloten gebouw of elke door een omsluiting afgebakende plaats die uitsluitend bestemd is voor gebruik door de gewoonlijke gebruikers. Deze categorie omvat:
- Privé kantoorruimtes niet toegankelijk voor klanten
- Fabriekshallen en productieruimten
- Magazijnen en opslagruimten
- Privé parkeerplaatsen voor personeel
- Personeelsruimten in bedrijven
- Technische ruimten en serverruimten
- Privéwoningen en appartementen
- Afgesloten terreinen rond bedrijven
- Beveiligde zones in kritieke infrastructuur
Deze plaatsen zijn alleen toegankelijk voor een beperkte groep mensen zoals werknemers, leveranciers en occasionele bezoekers met toestemming. De regels voor camerabewaking zijn hier doorgaans minder streng dan voor de andere categorieën, omdat er een lagere verwachting van privacy is.
In geval van combinatie van plaatsen van verschillende types, bijvoorbeeld een winkelcentrum (publiek toegankelijk) met aangrenzende kantoren (niet publiek toegankelijk), geldt als vuistregel dat bij camerabewaking via eenzelfde systeem het meest beschermende regime van toepassing is.
4. Verplichtingen bij de installatie van camera's
Interne registratie: het camerabewakingsregister
Een van de eerste verplichtingen bij het installeren van bewakingscamera's is het bijhouden van een intern register. Dit register dient als documentatie van alle aspecten van de camerabewaking en moet worden bijgehouden en bijgewerkt zolang de videobewaking duurt.
Dit register kan worden geïntegreerd in het algemene verwerkingsregister dat verplicht is onder artikel 30 AVG, of als een afzonderlijk document worden bijgehouden. Het moet de volgende uitgebreide informatie bevatten:
- Een gedetailleerd grondplan waarop de exacte locatie van alle camera's duidelijk is aangegeven
- Een technische beschrijving van elke camera, inclusief type, model, functies en technische specificaties
- Een duidelijke omschrijving van het specifieke doel van de camerabewaking (bijvoorbeeld beveiliging van gebouwen, diefstalpreventie)
- De exacte rechtsgrond voor de verwerking van de camerabeelden onder de AVG (meestal het 'gerechtvaardigd belang')
- Een opsomming van alle categorieën van betrokkenen die mogelijk gefilmd worden (bezoekers, werknemers, leveranciers, etc.)
- Een specificatie van de soorten persoonsgegevens die worden verzameld (enkel beeldopnames of ook geluidsopnames)
- Een lijst van alle ontvangers of categorieën van ontvangers van de persoonsgegevens
- De exacte fysieke of digitale locatie waar de beelden worden bewaard
- Informatie over of de beelden realtime worden bekeken en door wie
- De precieze bewaartermijn van de beelden
- Een beschrijving van hoe betrokkenen worden geïnformeerd over de camerabewaking
- Een gedetailleerd overzicht van alle genomen technische en organisatorische beveiligingsmaatregelen
- Een bevestiging of er een gegevensbeschermingseffectbeoordeling (DPIA) werd uitgevoerd, en indien niet, waarom dit niet nodig werd geacht
Dit register dient niet alleen als bewijs van compliance, maar helpt de verwerkingsverantwoordelijke ook om een volledig overzicht te behouden van alle camerasystemen en hun doeleinden. Bij controles door de Gegevensbeschermingsautoriteit zal dit register vaak als eerste worden opgevraagd.
Aanmelding bij de politie
Een tweede essentiële verplichting is de aanmelding van elke bewakingscamera bij de politie. De aanmeldingsprocedure verloopt als volgt:
- Voor elke bewakingslocatie moet één aanmelding worden gedaan, ongeacht het aantal camera's.
- De aanmelding gebeurt elektronisch via het online platform www.aangiftecamera.be.
- De ingediende informatie kan op elk moment worden geraadpleegd, gewijzigd of verwijderd door de verwerkingsverantwoordelijke.
- De aanmelding moet jaarlijks worden gecontroleerd en bevestigd om de accuraatheid te garanderen.
Er bestaat een belangrijke uitzondering op deze aanmeldingsplicht: camera's die door een natuurlijke persoon worden gebruikt binnen een niet voor het publiek toegankelijke privéwoning zijn vrijgesteld van de aanmeldingsplicht. Dit betreft bijvoorbeeld camera's die alleen het interieur van een woning filmen.
Correcte positionering van camera's
Bij het plaatsen van bewakingscamera's moet de verwerkingsverantwoordelijke zich houden aan strikte regels betreffende de positionering:
- Camera's mogen niet specifiek gericht worden op plaatsen waarvoor de verwerkingsverantwoordelijke niet bevoegd is.
- Bij bewaking van een privé-ingang tegenover een publieke ruimte moeten de camera's zo worden gericht dat opnames van de publieke ruimte tot het absolute minimum worden beperkt.
- Camera's mogen in principe geen delen van andermans eigendom filmen.
Het proportionaliteitsbeginsel speelt hier een centrale rol: de inmenging in de privacy van personen moet zo beperkt mogelijk blijven, en de camera's moeten zo worden gepositioneerd dat alleen wat strikt noodzakelijk is voor het beoogde doel wordt gefilmd.
Er bestaat een uitzondering voor bepaalde gevoelige locaties die zijn aangeduid bij Koninklijk Besluit, zoals:
- Luchthavens en treinstations
- Nucleaire sites en militaire domeinen
- Gevangenissen en forensisch psychiatrische centra
- Havenfaciliteiten en internationale instellingen
- Gebouwen van de Nationale Bank van België
Bij deze locaties mogen camera's wel gericht worden op de perimeter onmiddellijk rond de besloten plaats, wat een ruimere bewaking mogelijk maakt.
Pictogram: transparantie is verplicht
Een van de meest zichtbare verplichtingen is het plaatsen van een pictogram bij elke toegang tot een bewakingszone. Dit pictogram moet:
- Voldoen aan het officiële model vastgelegd in het KB van 10 februari 2008.
- Duidelijk zichtbaar zijn bij elke toegang tot de bewaakte zone.
- Voldoende groot zijn in verhouding tot de plaats waar het wordt aangebracht.
Op het pictogram of een aanhangende drager moeten de volgende vermeldingen staan:
- "Camerabewaking – wet van 21 maart 2007"
- De naam en contactgegevens van de verwerkingsverantwoordelijke
- Het postadres en, indien relevant, het e-mailadres of telefoonnummer
- De contactgegevens van de Functionaris voor Gegevensbescherming (indien aanwezig)
- Een verwijzing naar meer informatie over de modaliteiten van de camerabewaking
Dit pictogram vervult een dubbele functie: enerzijds informeert het betrokkenen over de aanwezigheid van camera's, anderzijds vormt het de juridische basis voor het filmen. Het betreden van een plaats waar duidelijk is aangegeven dat er camerabewaking plaatsvindt, wordt namelijk beschouwd als impliciete toestemming om gefilmd te worden. Zonder deze signalisatie zou er sprake zijn van verboden heimelijk cameratoezicht.
5. Gebruik en bewaring van beelden
Realtime monitoring: strikte beperkingen
Het in realtime bekijken van camerabeelden is onderworpen aan strenge beperkingen. Dit is slechts in twee specifieke gevallen toegestaan:
- Met als doel onmiddellijk in te grijpen bij een misdrijf, schade of overlast. In deze situatie kunnen beelden worden bekeken door personen die de bevoegdheid hebben om direct actie te ondernemen, zoals beveiligingspersoneel.
- In publiek toegankelijke ruimten, indien er een controlescherm aanwezig is in de nabijheid van de camera's. Dit scherm moet zichtbaar zijn voor zowel de verwerkingsverantwoordelijke als aanwezige werknemers en bezoekers, zoals bijvoorbeeld bij de ingang van een winkelcentrum.
In alle andere gevallen mag het realtime bekijken van beelden uitsluitend door erkende bewakingsagenten gebeuren, of in uitzonderlijke gevallen onder direct toezicht van politiediensten. Deze beperking is bedoeld om misbruik van camerasystemen voor ongeoorloofde surveillance te voorkomen.
Bewaartermijnen: duidelijke tijdslimieten
De Camerawet stelt duidelijke grenzen aan hoe lang camerabeelden mogen worden bewaard:
- Algemene maximale bewaartermijn: één maand. Deze termijn geldt voor alle standaard situaties en mag niet worden overschreden zonder specifieke reden.
- Verlengde bewaartermijn: drie maanden. Deze langere termijn geldt alleen voor specifieke plaatsen met een bijzonder veiligheidsrisico, zoals luchthavens, treinstations, nucleaire sites, en andere bij KB aangeduide locaties.
- Uitzondering voor bewijsmateriaal. Indien beelden kunnen bijdragen aan het bewijzen van een misdrijf, schade of overlast, of aan het identificeren van daders, getuigen of slachtoffers, mogen ze langer worden bewaard dan de standaardtermijn. In dit geval moeten ze worden overgedragen aan de politie of gerechtelijke autoriteiten zodra mogelijk.
Het is belangrijk op te merken dat voor camera's in publiek toegankelijke besloten plaatsen, het opnemen van beelden uitsluitend is toegestaan om bewijzen te verzamelen van overlast, misdrijven of schade, en om betrokkenen te identificeren. In niet-publiek toegankelijke besloten plaatsen kunnen beelden ook voor andere legitieme doeleinden worden bewaard.
6. Toegang tot beelden: strenge controle
Wie heeft toegang?
De toegang tot camerabeelden is strikt gereguleerd om de privacy van betrokkenen te beschermen:
- In principe mogen alleen de verwerkingsverantwoordelijke en personen onder diens directe gezag toegang hebben tot de beelden. Dit kunnen bijvoorbeeld beveiligingsmedewerkers of specifiek aangewezen personeelsleden zijn.
- Alle personen met toegang tot de beelden hebben een wettelijke discretieplicht. Ze mogen de informatie die ze via de beelden verkrijgen niet verder verspreiden of voor andere doeleinden gebruiken.
- Installateurs en externe beveiligingsfirma's handelen als verwerkers. Ze hebben geen zelfstandig recht op toegang tot de beelden, maar handelen steeds in opdracht van de verwerkingsverantwoordelijke.
De verwerkingsverantwoordelijke moet adequate beveiligingsmaatregelen implementeren om onbevoegde toegang tot de beelden te voorkomen. Dit omvat zowel technische maatregelen (zoals versleuteling en wachtwoordbeveiliging) als organisatorische maatregelen (zoals toegangsbeleid en logging).
Doorgifte aan autoriteiten
Er zijn specifieke regels voor het delen van beelden met autoriteiten:
- Vrijwillige doorgifte bij vaststelling van misdrijven of overlast. De verwerkingsverantwoordelijke mag beelden overdragen aan politie of gerechtelijke autoriteiten indien deze feiten tonen die een misdrijf of overlast kunnen vormen.
- Verplichte doorgifte op verzoek. Als de beelden een vastgesteld misdrijf of vastgestelde overlast betreffen, is de verwerkingsverantwoordelijke verplicht deze kosteloos aan de politie over te dragen op hun eerste verzoek.
- Recht op gerechtelijk mandaat. Bij niet voor het publiek toegankelijke besloten plaatsen kan de verwerkingsverantwoordelijke eisen dat eerst een gerechtelijk mandaat wordt overgelegd voordat beelden worden overgedragen.
Rechten van betrokkenen
Personen die gefilmd worden hebben specifieke rechten die moeten worden gerespecteerd:
- Recht op toegang tot beelden. Elke gefilmde persoon heeft het recht om toegang te krijgen tot beelden waarop hij of zij voorkomt, mits een gemotiveerd verzoek wordt ingediend. Dit recht is verankerd in zowel de Camerawet als de AVG.
- Praktische beperkingen. In de praktijk kan dit recht beperkt zijn door korte bewaartermijnen. Als beelden bijvoorbeeld maar 24 uur worden bewaard, is het technisch vaak niet mogelijk om tijdig op een inzageverzoek te reageren.
- Verbod op publicatie. De Camerawet verbiedt in principe het publiceren van camerabeelden op internet of in een uitstalraam. Bijvoorbeeld, het plaatsen van beelden van winkeldieven op sociale media of in de etalage is niet toegestaan, zelfs als bewijs van diefstal voorhanden is.
Vragen of ondersteuning nodig?
Stel uw verdere vragen gerust aan syndicus SEBAS, wij helpen u graag verder. welkom@mysebas.be
Bron: Everest advocaten
Sebas — Syndicus in heel Vlaanderen
Sebas is een moderne syndicus actief in heel Vlaanderen. We combineren 15+ jaar ervaring met transparante communicatie en doortastend technisch beheer. Van Algemene Vergaderingen tot onderhoudsprioriteiten: wij zorgen voor professioneel gebouwbeheer waar u op kunt rekenen.
Wilt u weten hoe wij uw VME kunnen helpen? Neem vrijblijvend contact op voor advies of een offerte op maat.
